Problemen met je ouders

Sommige ouders hebben veel moeite met het idee dat hun kind transgendergevoelens heeft. Ze kunnen zich misschien niet voorstellen dat hun kind deze gevoelens heeft. Ze willen soms dat hun kind verandert, maar dat gaat niet.

Bij de meeste ouders gaat deze moeite in de loop van de tijd over: ze wennen eraan. Dat kan een tijdje duren: bij de één een paar maanden en bij de ander wat langer. Een klein deel van ouders blijft moeite hebben met de transgendergevoelens van hun kind.

Herken je dit?

  • Je ouders vinden het raar om te praten over mannen en vrouwen die zich niet gedragen zoals ze denken dat mannen en vrouwen zich horen te gedragen.
  • Je ouders vinden dat het niet mag van de islam, het christendom.
  • Je ouders denken dat je ziek bent als je transgendergevoelens hebt.
  • Je ouders denken dat het hun schuld is dat je transgendergevoelens hebt.
  • Je ouders denken dat je transgendergevoelens niet echt zijn en dat het weer over gaat.
  • Je ouders zijn bang voor jou dat je geen fijn leven zult hebben als je transgendergevoelens hebt.
  • Je ouders zijn bang dat andere mensen over hun gaan roddelen.
  • Je ouders denken dat je homo of lesbisch bent en weten het verschil niet met transgender zijn.
  • Je ouders denken dat je of een jongen of een meisje moet zijn en er niet tussenin kan zijn.
  • Je ouders verwachten dat de goede naam van de familie wordt aangetast (familie-eer). Dit is bijvoorbeeld het geval in sommige Turkse, Marokkaanse, Somalische, Afghaanse en Hindoestaanse families.

Hoe komt het?

Er zijn verschillende redenen waarom ouders veel moeite kunnen hebben met de transgendergevoelens van hun kind:

  • Vaak heeft het te maken met onwetendheid. Je ouders weten misschien weinig van dit onderwerp af.
  • Je ouders zijn opgegroeid in een andere tijd; in een tijd waarin er niet werd gesproken over transgendergevoelens. Ze zijn niet gewend om hierover te praten. Tegenwoordig is dit normaler.
  • Het kan zijn dat je ouders het gevoel hebben dat de omgeving om hen heen (familie, buren, vrienden) het niet zullen accepteren. Ze weten niet hoe ze hiermee om moeten gaan.
  • Ouders willen vaak het beste voor hun kind en zijn bang dat het niet goed met je gaat.

Wat kan je doen?

Als je ouders moeite hebben met jouw gevoelens kan dit voor jou heel lastig zijn. Je kunt het volgende doen:

  • Praten jullie thuis wel eens over gevoelens met elkaar? In dat geval kan je het beste het gesprek aangaan. Vertel hoe je je voelt. Vertel je ouders ook dat je weet dat ze even tijd nodig zullen hebben.
  • Soms kan het handig zijn om iemand anders te vragen om met je ouders te praten. Dat kan bijvoorbeeld een zus, tante, oom of vriend(in) van je ouders zijn. Belangrijk is dat het iemand is die jij kan vertrouwen en die jouw gevoelens begrijpt.
  • Soms kan het voor ouders helpen als je met ze afspreekt om het (even) binnen het gezin te houden: je spreekt dan met elkaar af dat de andere familieleden of buurtgenoten niet op de hoogte worden gesteld van jouw gevoelens. Denk goed na of dat voor jou oké voelt. Als je dit niet wilt of als je denkt dat je dit niet lukt, is het goed om dit aan te geven aan je ouders.
  • Verwacht je dat jullie er thuis niet uitkomen? Dan kun je altijd hulp inschakelen van een hulpverlener. Je kunt terecht bij Transvisie.
  • Hebben je ouders behoefte aan informatie? Of aan gesprekken met andere ouders? Ook zij kunnen terecht bij Transvisie.
  • Wil je liever niet naar het maatschappelijk werk maar wel op een andere manier hulp? Lees dan hier de opties.

 

  • De meeste ouders wennen eraan.
  • Als je twijfelt over hoe je het kan bespreken met je ouders, vraag dan hulp.
  • Als je er met je ouders niet uitkomt, vraag dan hulp.
  • Ook je ouders kunnen hulp vragen!